Regels
- Speel de bal zoals hij ligt
- Je mag de ligging van de bal niet verbeteren, tenzij de regels dat toelaten (bijv. bij een plugged ball of op de green).
- Volg de juiste volgorde van spelen.
- Degene die het verst van de hole ligt, slaat eerst. In strokeplay speelt men soms “ready golf” voor snelheid.
- Houd je score: tel je slagen eerlijk. Noteer ze aan het eind van elk hole. Iemand anders in je flight mag je score controleren.
- Maximaal 14 clubs in je tas
- Droppen van je bal: doe dit op kniehoogte binnen het aangegeven gebied, volgens de regels.
- Strafslagen: als je een regel overtreedt, krijg je meestal een strafslag. Bijvoorbeeld bij een bal in het water of als je een bal niet kunt vinden (verlies van slag en afstand).
Etiquette
- Wees stil en stilstaand als iemand slaat
- Herstel pitchmarks en divots
- Laat snellere groepen door
- Raak nooit de lijn van iemands put aan
- Zorg voor veiligheid – roep “Fore!” bij gevaar
